De nieuwe stadsmuur

[verschenen in de BRES, magazine ven het IVN Vechtplassen, juni 2016]

Ooit was het duidelijk: de stad stopte bij de stadspoort. Daar door en je was buiten, op het platteland. Andersom was er ook geen twijfel mogelijk: zodra je de brug over was en de poortwachter gedag had gezegd was je veilig: binnen. Nu liggen de oude stadspoorten midden in de steden en is het alleen met een goeie plattegrond duidelijk wat binnen en wat buiten was.

Een paar jaar geleden zat ik aan een grote tafel met een aantal creatieve mensen om plannen te maken voor Utrecht in 2018. Rode draad in dat gesprek was de relatie tussen de stad en het platteland. Over hoe die relatie is: weten de stedelingen nog waar de melk vandaan komt? Weten de boeren wat er op het menu staat van de stedelijke eetcafe’s? En wat wij zouden moeten of kunnen doen om deze relatie te verbeteren. De rode draad is dan een groene lijn: om de stedeling de weg te wijzen (vaak in letterlijke zin) naar buiten en om voor de boer een markt te creëren (net zo letterlijk) waar hij zijn producten kan verkopen. Maar hoe hef je de grenzen op? Hoe overbrug je de ringwegen rond de stad en hoe vertel je de stedeling het verhaal van de koe in de wei?

Toen dacht ik: is dat eigenlijk wel nodig? Willen we dat wel? Ik had net een groepje pubers in de polder gehad die al die vliegen en mestlucht maar niks vonden. Die veel liever bij de McDonalds zouden zitten.
Dat is ook goed, dacht ik, alleen dan moeten ze daar ook wel blijven. De volgende dag stonden de media namelijk vol met berichten van een (vermoedelijk) stedelijke actiegroep die met schokkerige beelden duidelijk wilden maken hoe weinig ruimte onze reclamebarbequepakketten in levenden lijve hebben. Op zich een lovenswaardige actie alleen mistte ik het verhaal van de boer. Misschien had die kunnen vertellen dat de prijs die ‘de markt’ betaalt een betere omgang met de dieren niet toelaat? Ik weet zeker dat er boeren zijn die graag zouden hebben dat die mensen gewoon binnen de stadsmuren hun zendelingenwerk zouden doen.

Misschien is dat ook wel een stuk effectiever. Ik hoorde laatst dat er in een dorp een handtekeningenactie was geweest tegen de bouw van nieuwe mega-varkensstallen. 80% van de bevolking had getekend. Toen is een journalist voor de supermarkt gaan staan en heeft de mensen die hadden getekend geconfronteerd met hun vleesaankopen die bijna allemaal uit de ongewenste megastallen kwamen. Als we het niet meer kopen gaan de boeren vast ander(s) vlees produceren.
Dus ik zou willen pleiten om de oude stadsmuur in ere te herstellen. Gewoon weer een harde lijn trekken rond de stad, met duidelijke in- en uitgangen. Als je hem langs de ringweg zet kan hij mooi dienst doen als geluidswal en als uitkijkpunt. En bij de nieuwe poorten vindt de ontmoeting plaats tussen stad en platteland. De boer verkoopt er zijn ganzenvlees op de boerenmarkt, de stedeling huurt er een fiets met brede banden en een routebeschrijving. Word ik misschien op mijn oude dag nog poortwachter…

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Omdat we niet van robots houden staat hier een sommetje om de robotjes te kunnen weren (die kunnen namelijk niet zo goed lezen en rekenen). *